Het Pokémon kortverhaal

 

Groepjes jongeren, soms ook oudere jongeren, die rondfietsen of lopen met hun blik gericht op hun smartphone en op zoek zijn naar een virtueel monstertje. Het is zo de rage van dit moment: Pokémon Go, de smartphone locatiegame van Nintendo, had ik gehoord.

En of ik het nu heb gehoord. Een kot in deze zwoele nacht ben ik wakker geworden wegens een vermoedelijke inbraakpoging. Je denkt natuurlijk als duivenmelker eerst dat ze je beste duiven van het hok komen halen. Mijn vrouw is op vakantie naar Thailand dus die was reeds gevrijwaard. Ik denk trouwens ook niet daar ze daarvoor zouden komen. Maar soit, dus de tweeloop in aanslag genomen, brandalarm aan en buren natuurlijk wakker uit hun dromenland of andere nachtelijke stand. Afin, even gericht knallen maar, in de lucht weliswaar. Ik deins al enkele jaren namelijk voor niets meer terug. Ze noemen mij niet voor niets Fred Aziel (a-ziel; ‘zonder ziel’ voor wie het nog niet had begrepen – en voor de echte analfabelgen: ‘Fedasil’ is het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers). Ik laat leeglopers of buitenlandse vakantiegangers niet aan mijn gezin of duiven komen noch het brood of rijst van mijn bord halen. Mijn grootouders moesten 14 uur per dag werken en mijn ouders hebben de oorlog ook meegemaakt. Mijn grootoom Jan Vernelen uit Mol is in de grote oorlog voor het vaderland gesneuveld. Dat is toch niet allemaal voor niets geweest?

“Mijnheer, mijnheer, niet schieten, wij zijn op zoek naar ‘Sceptile’ van Pokémon. Wij hebben hem juist gevangen!”.

Ik zeg het u eerlijk en zweer u voorwaar op het hoofd van een Pokémon. Het werd een zwarte nacht voor deze Pokémon-Go spelers op hun monstertjesjacht. Ze hebben nu eens kennis gemaakt met de echte wereld in plaats van hun virtuele omgeving. Ganse dagen en blijkbaar ook al nachten lopen ze met zo’n tokkelding rond in hun hand. In mijn tijd waren wij blij dat we ’s nachts konden slapen want overdag moest ik in de zomermaanden het gras maaien of op de bijen van pa letten want die konden namelijk gaan ‘zwermen’. Pa was een imker of bijenman en lekkere honing dat die had. De honing ‘slingeren’ was ook zo’n zomerse bezigheid in mijn  jeugd. Deze Pokéstop zal die gasten nog lang in hun geheugen bijblijven want hagel krijg je niet gauw uit je Pokéballs. Die ventjes stonden vlug terug met hun beide voetjes op de grond. En natuurlijk ook met hun handjes in lucht.

Asiel of geen asiel – geen Pokémons hier bij mij in de tuin en aan mijn duivenkot. ‘Sceptile’, ‘Pancham’ of ‘Togetic’: ik moet die beestjes niet.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s